Administratiekantoor Fatax B.V.

Administratiekantoor Fatax B.V. Wij zijn de specialist op het gebied van: administratieve dienstverlening | fiscale dienstverlening | salarisverwerking | detachering en interim-management

Voor u als ondernemer is het van belang dat u zich kunt concentreren op uw “core-business”. Het voeren van de financiële administratie zal daar over het algemeen geen deel van uitmaken. Aangezien de financiële administratie een wezenlijk onderdeel van uw onderneming uitmaakt is het van belang dat deze op een juiste en tijdige wijze wordt verwerkt. Als u op uw financiële administratie kunt vertrouw

en is het een managementinstrument waarmee u uw onderneming kunt (bij)sturen en tijdig kunt inspelen op veranderende marktomstandigheden. Administratiekantoor Fatax B.V. is gespecialiseerd in het voeren van (complexe) administraties voor het midden- en kleinbedrijf (MKB). Door ons gevarieerde pakket van diensten en ervaring op het vakgebied kunnen wij u optimaal bijstaan zodat u beschikt over de financiële gegevens die voor ú van belang zijn.

19/08/2022

Wij zijn op zoek naar een ervaren boekhouder/ assistent accountant voor ons kantoor in . Ben jij op zoek naar een leuke baan of ken jij iemand die perfect is voor deze functie? Help ons aan een leuke collega en maak kans op beloning van €500! Bekijk de vacature voor de voorwaarden: https://www.fatax.nl/vacature-boekhouder-assistent-accountant/

Delen wordt gewaardeerd!

22/02/2019

20% MINDER VERPAKKING IN SUPERMARKT IN 2025

De Nederlandse supermarkten hebben afgesproken dat er in 2025 20% minder verpakkingsmateriaal in de supermarkt ligt. De branche zet zich collectief in voor minder én duurzamere verpakkingen. Dit is onderdeel van een aantal ambitieuze doelstellingen die de branche heeft gesteld aan verpakkingen.

Om de doelstelling van 20% minder verpakkingsmateriaal te realiseren, wordt gestart met projecten met leveranciers van groenten en fruit. Binnen dit project wordt opnieuw gekeken naar verpakkingsmateriaal. De belangrijkste vraag is wat de functie is van de verpakking. Waar het mogelijk is en ook de duurzame oplossing is, zal verpakkingsmateriaal aanzienlijk verminderen.

Voorop staat voor bedrijven dat een duurzame keuze gemaakt wordt. Naast een forse reductie zijn de verpakkingen die in 2025 in de supermarkten liggen voor 95% recyclebaar, bestaat het plastic verpakkingsmateriaal voor 50% uit gerecycled materiaal en is papier en karton 100% gecertificeerd. De supermarkten hebben veel aandacht voor de bewustwording bij de consument. Op alle eigen merk producten staan bijvoorbeeld weggooi- of recyclingslogo’s zodat de consument kan zien hoe hij het materiaal het beste weg kan gooien. Bron: Vakcentrum, 15-02-2019

01/02/2019

GEEN AFTREK ONDERNEMINGSKOSTEN BIJ DIENSTBETREKKING

Wie als directeur in dienst is bij een bv, kan de kosten die hij voor deze bv maakt in principe niet af*****en als ondernemingskosten, zo blijkt uit een uitspraak van Hof Den Haag.

In deze zaak had een man één aandeel in een bv, waarvan hij directeur was. De man had zich hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor een schuld van de bv en toen de bv vervolgens failliet ging, werd de man aansprakelijk gesteld. Hij voerde nog wel een vrijwaringsprocedure, maar die verloor hij. Vervolgens wilde de man de advocaatkosten en het verlies van de vrijwaringsprocedure af*****en als ondernemingskosten. De inspecteur weigerde deze aftrek en het hof was het hiermee eens. Want hoewel de man ook nog een eenmanszaak dreef, waren de betreffende kosten gemaakt in het kader van zijn dienstbetrekking. En hoewel hij zich hoofdelijk aansprakelijk had gesteld voor een schuld van de bv, bleef hij werknemer van deze bv en kon hij de gemaakte kosten zodoende niet af*****en als ondernemingskosten. Daarnaast oordeelde het hof dat er ook geen sprake was van negatief loon.
Bron: Hof Den Haag 29-01-2019

25/01/2019

GROENE OBLIGATIES GEEN GROENE BELEGGING

De overheid heeft groene overheidsobligaties aangekondigd, maar die vallen niet onder de vrijstelling voor groene beleggingen in box 3.

In antwoord op Kamervragen heeft minister Hoekstra aangegeven vrijstelling alleen van toepassing is voor zover het gaat om aandelen in, winstbewijzen van of schuldvorderingen op aangewezen groene fondsen. Alleen banken en beleggingsinstellingen als bedoeld in art. 1:1 van de Wet op het financieel toezicht (Wft) kunnen als groene fondsen worden aangewezen. Voorwaarde is dat deze groene fondsen hoofdzakelijk (ten minste 70%) investeren in aangewezen groene projecten zoals beschreven in de regeling groenprojecten.

De groene overheidsobligatie is niet als groen project aangemerkt, zodat investeringen van groene fondsen in de groene obligatie niet bijdragen aan het bereiken van de drempelwaarde van 70%. Bron: MvF 17-01-2019

13/06/2018

BELASTINGDIENST IN VERZUIM MET OPLOSSEN PROBKEEM TOESLAGEN

De Nationale ombudsman oordeelde over een klacht over niet-nagekomen toezeggingen van de Belastingdienst/Toeslagen voor de verrekening van openstaande toeslagschulden.

De casus was als volgt. Verzoekster, gerechtigde tot zorgtoeslag en kindgebonden budget, vroeg bij de Belastingdienst/Toeslagen kwijtschelding aan voor haar openstaande toeslagschulden. Op 1 augustus 2017 ontving zij een beslissing op haar verzoek. De Belastingdienst/Toeslagen gaf hierin aan dat kwijtschelding van de toeslagschulden niet mogelijk was, maar dat er geen invorderingsmaatregelen meer zouden worden genomen. De reden hiervoor was dat verzoekster onvoldoende betalingscapaciteit had om haar schulden af te lossen. Ook zouden, onder voorwaarden, de schulden niet meer verrekend worden met lopende toeslagen. Verzoekster ging er dan ook van uit dat zij vanaf het eerst volgende betalingsmoment haar zorgtoeslag en kindgebonden budget weer zou gaan ontvangen. Toen de uitbetaling echter uitbleef heeft verzoekster een klacht ingediend bij de Belastingdienst/Toeslagen. Hierop kreeg zij te horen dat haar volledige jaarrecht aan het begin van het jaar was verrekend en dat ze haar toeslagen pas vanaf januari 2018 weer zou gaan ontvangen. Verzoekster was het niet eens met deze reactie en diende een klacht in bij de Nationale ombudsman.
De Nationale ombudsman redeneert dat het een vereiste van behoorlijk overheidsoptreden is dat de overheid binnen het wettelijk kader eerlijk en oprecht handelt, doet wat zij zegt en gevolg geeft aan rechterlijke uitspraken. Naar aanleiding van de brief van 1 augustus 2017 mocht verzoekster erop vertrouwen dat haar toeslagen vanaf dat moment weer aan haar zouden worden uitbetaald. De Nationale ombudsman heeft de Belastingdienst/Toeslagen in eerste instantie verzocht om de toeslagen van verzoekster met terugwerkende kracht vanaf 1 augustus 2017 aan haar uit te betalen. Op dit verzoek kreeg de Nationale ombudsman dezelfde reactie als verzoekster. Nadat de Nationale ombudsman nadere vragen had gesteld gaf de Belastingdienst/Toeslagen aan dat er in de situatie van verzoekster een fout is gemaakt. De toeslagen van verzoekster zijn alsnog met terugwerkende kracht vanaf 1 augustus 2017 weer uitbetaald. Bron: Nationale ombudsman 4-06-2018

16/05/2018

VAST WERK GROEIT STERKER DAN FLEX

Volgens het CBS is in het eerste kwartaal van 2018 de spanning op de arbeidsmarkt verder opgelopen. Het aantal vacatures nam toe met 8.000, terwijl het aantal werklozen met 30.000 afnam. Het aantal banen groeide met 76.000, de grootste banengroei sinds 2007. Ook nam voor het eerst sinds begin 2009 het aantal vaste werknemers naar verhouding meer toe dan het aantal flexibele werknemers.

Het aantal banen van werknemers steeg in het eerste kwartaal van 2018 met 70.000. Het totaal kwam daarmee uit op 8.286.000. Het aantal banen van werknemers groeit nu vier jaar op rij. Daarnaast nam het aantal banen van zelfstandigen met 7.000 toe tot 2.098.000.

De grootste stijging in het aantal banen deed zich voor in de bedrijfstakken handel, vervoer en horeca. Ook in de zakelijke dienstverlening, uitzendbranche, zorg en industrie was er in het eerste kwartaal een groei van de werkgelegenheid. De groei in de zorg is wel minder groot dan in het vorige kwartaal. Het aantal banen in de overige bedrijfstakken bleef in het eerste kwartaal van 2018 min of meer gelijk.

Ruim 40% van alle banen die er in de afgelopen vier jaar zijn bijgekomen, is toe te schrijven aan de uitzendbranche (+261.000). Hiermee telt de uitzendbranche 845.000 werknemersbanen. Dat is 10% van alle banen van werknemers.

In het eerste kwartaal was het aantal werknemers met een vaste arbeidsrelatie 124.000 hoger dan een jaar eerder, een groei van 2,4%. Het aantal werknemers met een flexibele arbeidsrelatie nam in een jaar tijd met 38.000 toe, wat neerkomt op een groei van 2%. Naar verhouding groeide bij werknemers het vaste werk daarmee sterker dan het flexwerk. Dit was sinds begin 2009 niet meer voorgekomen. Hiermee is het aandeel werknemers met een vast contract met 73,3% iets hoger dan een jaar terug. De toename betrof vooral werkenden met een grote deeltijdbaan of een voltijdbaan. Bron: CBS 15-05-2018

08/05/2018

GEEN VERGOEDING HUISVESTINGSKOSTEN

De Hoge Raad heeft in een arrest geoordeeld dat een uitzendbedrijf huisvestingskosten in rekening mag brengen bij buitenlandse werknemers die tijdelijk op een bouwproject in Nederland te werk zijn gesteld. Volgens de cao Bouwnijverheid mogen dergelijke huisvestingskosten voor Nederlandse werknemers niet in rekening worden gebracht. De zaak draait om de uitleg van het begrip woning volgens de cao Bouwnijverheid: is dat de woning waar ze tijdelijk in Nederland verblijven, of hun woning in hun thuisland?

De zaak betrof een uitzendbureau in de bouw dat bij haar werknemers uit Polen, Duitsland en Roemenië kosten voor huisvesting inhield op het nettoloon. Ook werden kosten voor huisvesting tegen brutoloon uitgeruild via een zogenoemde ET-regeling. In de cao Bouw & Infra is vastgelegd dat uitzendkrachten recht hebben op een vergoeding van dubbele huisvestingskosten (art. 55). De FNV had in deze zaak betoogd dat, in geval van arbeidsmigranten, met ‘woning’ (en ‘huiswaarts keren’) in art. 55 lid 1 cao is bedoeld (de reis naar) hun woonplaats in het land van herkomst. Daarom moet de werkgever of de kosten van huisvesting in Nederland vergoeden of huisvesting dichtbij het werk kosteloos ter beschikking stellen. Volgens het uitzendbureau geldt dit niet voor een arbeidsmigrant die in de omgeving van zijn werkplek is gehuisvest.

De kantonrechter en het hof hadden de vordering van FNV afgewezen. In cassatie volgt de Hoge Raad de uitleg van het hof. De FNV had betoogd dat het hof ten onrechte was voorbijgegaan aan de stelling van de FNV dat de Nederlandse verblijfplaats van de migrant naar haar aard tijdelijk is. Na afloop van de werkzaamheden kunnen ze er slechts kort nog verblijven. De Hoge Raad volgt die stelling niet en geeft aan dat het begrip woning in art. 55 lid 1 van de cao moet worden uitgelegd als de plaats waar de werknemer in de periode die het werk duurt, zijn reguliere verblijfplaats heeft. Dit kan de tijdelijke verblijfplaats zijn waarnaar de werknemer dagelijks na het werk terugkeert en waar hij slaapt, maar dit kan ook een verder van het werk gelegen woning of verblijfplaats zijn. De ‘woning’ van een werknemer in de zin van art. 55 lid 1 cao kan daardoor volgens de Hoge Raad, anders dan de FNV kern betoogt, een andere plaats zijn dan de gewone verblijfplaats van de werknemer. Bron: HR 4-05-2018

04/05/2018

GENIETINGSMOMENT OP MOMENT VAN UITBETALEN

Werknemers kunnen financieel nadelige gevolgen ondervinden van nabetalingen. Omdat het inkomen in het jaar van de nabetaling een piek vertoont, kan dat inkomen onder een hoger belastingtarief vallen dan als het op het juiste moment was betaald.

Een Wajong-gerechtigde ontvangt in 2015 een nabetaling over de jaren 2011 en 2012. De nabetaling vindt plaats omdat het UWV de uitkering in 2011 ten onrechte – zo blijkt tijdens een beroepsprocedure – heeft stopgezet en teruggevorderd. De Wajong-gerechtigde is van mening dat de nabetaling aan 2011 en 2012 moet worden toegerekend en niet in 2015 tot het inkomen moet worden gerekend.

Op grond van art. 3.146 Wet IB 2001 ligt het genietingsmoment op het moment waarop de desbetreffende inkomensbestanddelen zijn ontvangen, zijn verrekend, ter beschikking zijn gesteld, rentedragend zijn geworden of vorderbaar en inbaar zijn geworden. De rechtbank is daarom van oordeel dat het niet mogelijk is om delen van betalingen van de Wajong uitkering uit het inkomen van 2015 te halen en alsnog toe te rekenen aan de jaren waarin de uitkering zou zijn uitbetaald als het UWV geen onjuiste beslissing zou hebben genomen.

20/04/2018

GERING WAARDEDRUKKEND EFFECT DOOR VERKOOPVERPLICHTING

De verplichting om een parkeerplaats eerst aan medebewoners aan te bieden heeft een gering waardedrukkend effect op de WOZ-waarde. De verkoper kan zelf de verkoopprijs bepalen.

Een eigenaar van een appartement was het niet eens met de vastgestelde WOZ-waarde en de onroerendezaakbelasting voor het kalenderjaar 2015. Bij het appartement hoorden twee parkeerplaatsen in de gezamenlijke parkeergarage, waaraan een waarde van € 35.000 per parkeerplaats was toegekend. De taxateur had de waarde bepaald aan de hand van drie vergelijkingsobjecten.

Nu waarde per vierkante meter woonoppervlakte van de vergelijkingsobjecten, die door de heffingsambtenaar tijdens het hoger beroep zijn aangevoerd, hoger is dan de waarde per vierkante meter van de woonoppervlakte van het appartement, is de waarde van het appartement juist vastgesteld.

Maar de waarde van de parkeerplaatsen onder het appartement is te hoog vastgesteld. De verkoopprijs van een vergelijkbare parkeerplaats die als laatst is verkocht bedraagt € 19.500. Volgens de heffingsambtenaar is deze verkoopprijs niet bruikbaar omdat de prijs niet op de vrije markt tot stand is gekomen. De parkeerplaatsen moeten bij verkoop namelijk als eerste aan de bewoners van het appartementencomplex worden aangeboden. Volgens de eigenaar zijn de verkopers echter vrij om zelf de prijs te bepalen. Hebben de bewoners geen belangstelling dan kan de parkeerplaats aan derden worden aangeboden. Het hof is van mening dat de aanbiedingsplicht een gering waardedrukkend effect heeft. De waarde wordt in goede justitie vastgesteld op € 20.000 per parkeerplaats. Bron: Hof Amsterdam 20-03-2018

16/04/2018

GEEN LOONHEFFING OVER DWANGSOM VAN WERKGEVER

Een dwangsom wegens het overschrijden van de termijn voor het nemen van een beslissing op bezwaar kan volgens Hof Amsterdam niet als uit een dienstbetrekking genoten loon worden aangemerkt. Ook niet als de belastingplichtige een ambtenaar is.

Een militair van de Koninklijke Luchtmacht wil niet dat zijn dienverplichting wordt aangepast en maakt daar bezwaar tegen bij de minister van Defensie. Op dit bezwaar beslist de minister te laat, waardoor de militair een dwangsom van € 100 verbeurd die in december 2014 tegelijk met zijn loon wordt uitbetaald. Op de dwangsom wordt loonheffing ingehouden. Met deze inhouding is de militair het niet eens.

Volgens Hof Amsterdam blijkt uit de wetsgeschiedenis inzake de werkkostenregeling dat het loonbegrip is verruimd, maar dat het begrip niet zo ruim is dat alles wat de werknemer van de werkgever krijgt loon is. Daarvoor blijft van belang dat er een verband is tussen het loon en de dienstbetrekking zoals blijkt uit de wetsgeschiedenis en jurisprudentie. Uit de wetsgeschiedenis bij het dwangsomartikel blijkt dat dit artikel vooral bedoeld is om alle belanghebbenden een effectiever rechtsmiddel te geven tegen te trage besluitvorming door bestuursorganen. Er kan een dwangsom worden opgelegd als de wettelijk voorgeschreven termijnen niet worden nageleefd. Ambtenaren die bezwaar hebben gemaakt en die worden geconfronteerd met overschrijding van een beslistermijn zijn niet anders dan willekeurig iedere andere belanghebbende.

Volgens het hof is de dwangsom aan de militair toegekend omdat een bestuursorgaan in gebreke is gebleven door niet op tijd op het bezwaar te beslissen. Een dergelijke dwangsom kan naar het oordeel van het hof niet als uit de dienstbetrekking genoten loon worden aangemerkt. De omstandigheid dat de militair een ambtenaar is waardoor de afhandeling van zijn bezwaar volgens de regels van de Awb verloopt, rechtvaardigt geen ander oordeel. Er is ten onrechte loonheffing ingehouden.
Bron: Hof Amsterdam 20-03-2018

13/04/2018

HOGERE UITSTROOM WGA BIJ EIGENRISICODRAGERS

Er is geen verschil in het instroompercentage in de Werkhervatting gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) tussen werknemers van werkgevers die publiek verzekerd zijn en eigenrisicodragers. Wel zijn er verschillen bij de uitstroom: bij werknemers van eigenrisicodragers is de uitstroom iets hoger.

In een recent Kennisverslag van het UWV wordt een vergelijking gemaakt tussen publiek verzekerde werkgevers en eigenrisicodragers voor de WGA. De belangrijkste bevinding van het Kennisverslag is dat er geen verschil is tussen publiek verzekerden en eigenrisicodragers bij de instroom. Een dergelijk verschil is er wel als naar bedrijfsgrootte wordt gekeken. Het WGA-instroompercentage is het hoogst bij grote bedrijven en het laagst bij kleine bedrijven. Maar ook als rekening wordt gehouden met het feit dat grote bedrijven vaker eigenrisicodrager zijn, is er geen opvallend verschil tussen eigenrisicodragers en publiekverzekerden.

Er is wel een verschil in de uitstroom uit de WGA tussen publiek verzekerden en eigenrisicodragers. Werknemers van eigenrisicodragers stromen structureel iets meer uit vanwege herstel en stromen vaker door naar de IVA (Inkomensverzekering volledig arbeidsongeschikten). Van de werknemers van eigenrisicodragers die in 2008 in de WGA instroomden was eind 2017 19% uitgestroomd vanwege herstel, bij de publiek verzekerde werkgevers is dit 16%.

Uit het Kennisverslag blijkt dat dat eigen risico dragen vooral loont via het bevorderen van de uitstroom. Bij de instroompreventie is er weinig ruimte voor verbetering. De loondoorbetalingsverplichting en de verplichtingen uit de Wet verbetering poortwachter zorgen al voor een sterke prikkel om de instroom te beperken en deze prikkels zijn voor eigenrisicodragers en publiek verzekerde werkgevers gelijk. Bron: UWV 5-04-2018

Adres

Newtonstraat 5
Veenendaal
3902HP

Openingstijden

Maandag 08:30 - 17:00
Dinsdag 08:30 - 17:00
Woensdag 08:30 - 17:00
Donderdag 08:30 - 17:00
Vrijdag 08:30 - 17:00

Telefoon

+31318430646

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Administratiekantoor Fatax B.V. nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact

Stuur een bericht naar Administratiekantoor Fatax B.V.:

Delen