23/02/2026
Rechtbank: DNB pleegde bedrog bij gedwongen overdracht12-02-2026
De rechtbank Amsterdam heeft op 5 februari 2026 een opmerkelijke en zware conclusie getrokken: De Nederlandsche Bank (DNB) heeft in 2017 de rechtbank bewust misleid bij de aanvraag van de noodregeling voor Conservatrix. Volgens de rechtbank verzweeg DNB cruciale informatie over de herverzekering die onderdeel uitmaakte van het door haar voorgestelde overdrachtsplan. Deze schokkende constatering – door de rechtbank expliciet aangeduid als bedrog – legt een fundamenteel probleem bloot: een toezichthouder die juist verantwoordelijk is voor betrouwbaarheid, transparantie en zorgvuldige oordeelsvorming, heeft zelf deze basisprincipes geschonden.
Wat hield het bedrog in?
De rechtbank stelt vast dat DNB een essentieel onderdeel van het reddingsplan voor Conservatrix achterhield:
de reeds overeengekomen herverzekering bij Colorado Bankers Life Insurance Company (CBL),
een element dat grote invloed kon hebben op de beoordeling van de noodzaak van de noodregeling.
Door deze informatie niet te delen, werd de rechtbank de mogelijkheid ontnomen om te beoordelen of minder ingrijpende maatregelen mogelijk waren, zoals een alternatieve herverzekering of een kapitaalstorting door de aandeelhouders.
Met dit oordeel stelt de rechtbank vast dat:
de eerder toegewezen noodregeling op bedrog berustte,
de rechter destijds niet volledig was geïnformeerd,
en het debat “een geheel andere wending had kunnen nemen” als DNB de waarheid wel had verteld.
Een toezichthouder die zelf de normen schendt
Dat juist DNB, als prudentieel toezichthouder, informatie achterhoudt in een kritieke juridische procedure, is bijzonder ernstig. Toezichthouders behoren het hoogste niveau van integriteit, openheid en betrouwbaarheid te waarborgen. In plaats daarvan:
werd de rechtbank misleid,
werd cruciale informatie achtergehouden,
en werd een procedure die ingrijpt in de rechten van polishouders én aandeelhouders, gebaseerd op onvolledige feitelijke onderbouwing.
De rechtbank geeft in ongebruikelijk duidelijke bewoordingen aan dat DNB handelde met het oogmerk om een bepaalde uitkomst te bereiken. Daarmee raakt dit oordeel de kern van het vertrouwen dat de samenleving en specifiek polishouders in een toezichthouder moeten kunnen hebben.
Gevolgen voor polishouders
Polishouders zijn door het faillissement van Conservatrix zwaar financieel geraakt, onder meer door:
forse kortingen op uitkeringen en aanspraken;
het wegvallen van rendementsgaranties.
Tot nu toe was het moeilijk om DNB aansprakelijk te stellen. De wet vereist namelijk bewijs van:
opzettelijk onbehoorlijke taakuitoefening,
opzettelijk onbehoorlijke uitoefening van bevoegdheden, of
grove schuld.
De constatering van bedrog door DNB verandert dit landschap ingrijpend. Bedrog is per definitie een vorm van opzettelijke misleiding – en daarmee een sterke aanwijzing voor onbehoorlijk en mogelijk zelfs grofschuldig handelen.
Had het faillissement voorkomen kunnen worden?
Volgens de rechtbank is het bepaald niet ondenkbaar dat de overdracht nooit zou zijn goedgekeurd als de rechtbank volledig was geïnformeerd. Indien dat het geval was geweest, zouden andere oplossingen op tafel hebben gelegen, zoals:
een herverzekering bij Heco RE in Luxemburg (onder streng Europees toezicht),
mogelijk aangevuld met kapitaalstortingen door aandeelhouders.
Het uiteindelijke faillissement werd veroorzaakt doordat de Amerikaanse toezichthouder het herverzekeringscontract met CBL ongeldig verklaarde. Iets dat bij een Europese herverzekeraar onder Solvency II niet had kunnen gebeuren. Het is daarom verdedigbaar dat het faillissement – en dus de schade voor polishouders – voorkomen had kunnen worden als DNB haar taak naar behoren had vervuld.
Verjaring: claimmogelijkheden nog steeds open
Hoewel het faillissement inmiddels meer dan vijf jaar geleden plaatsvond, is de vaststelling van bedrog pas op 5 februari 2026 openbaar geworden. Dat betekent dat polishouders pas nu kennis konden krijgen van:
de schade,
én de mogelijke aansprakelijke partij.
Juridisch gezien opent dit de deur om nieuwe schadeclaims tegen DNB in te dienen.
Wat betekent dit voor de Stichting?
De Stichting zal de uitspraak nauwgezet analyseren en bepalen:
welke juridische stappen haalbaar en wenselijk zijn,
hoe polishouders volgend de Stichting het beste kunnen worden vertegenwoordigd,
en welke mogelijkheden deze uitspraak biedt voor schadevergoeding.
Duidelijk is in ieder geval dat het oordeel van de rechtbank een mijlpaal vormt: het bevestigt dat de toezichthouder die polishouders moest beschermen, zelf de regels heeft geschonden. En dat gedrag is onwaardig aan een toezichthouder die op dient te komen voor onze belangen.